Partneralimentatie: geen oneindige geldkraan

Het is een punt van discussie bij menig echtscheiding: de alimentatie. Het kan immers zijn dat de scheiding betekent dat één van beide ex-partners zelf niet meer kan voorzien in het levensonderhoud. Alimentatie – waarbij de vermogende ex-partner maandelijks een bedrag overmaakt aan de minder verdienende partner – moet zorgen voor een redelijke compensatie. Maar het is een misverstand om te denken dat een recht op alimentatie gelijk staat aan een oneindige geldkraan.

Het is allereerst goed om te beseffen dat er twee vormen van alimentatie zijn: de kinderalimentatie en de partneralimentatie. In deze blog sta ik stil bij deze laatste rechtsvorm.

Partneralimentatie is de laatste jaren meer dan eens onderwerp van discussie geweest. Het zou verouderd zijn, niet meer bij deze tijd passen. De aanvankelijke gedachte achter partneralimentatie is inderdaad achterhaald: De wetgever, zo is te lezen in de toelichting van de regeling, vreesde dat de vrouw na een beëindigd huwelijk met lege handen achter zou blijven. In een tijd dat de man de voornaamste kostwinner was, is daar wat voor te zeggen. Inmiddels ligt die rolverdeling een stuk genuanceerder. Reden voor de politiek om zich te mengen in de regelgeving rondom partneralimentatie: meerdere partijen willen de duur van de alimentatieverplichting inkorten. D’66 pleitte zelfs voor afschaffing ervan. Toch zou dat kort door de bocht zijn: ook in deze tijd is het immers niet uitzonderlijk dat één van beide partners aanzienlijk minder verdient.

Wanneer heeft u nu recht op partneralimentatie? De wetgever heeft daarvoor een duidelijk uitgangspunt: u moet na de echtscheiding zelfstandig niet in uw levensonderhoud kunnen voorzien. Dat betekent overigens niet dat u helemaal geen inkomen mag genieten: ook indien u parttime werkt of een uitkering ontvangt, bestaat veelal recht op partneralimentatie.

Aan de hand van gecompliceerde berekeningen is de hoogte van de alimentatie vast te stellen. In deze blog volsta ik met de mededeling dat niet alleen de situatie van alimentatie-ontvanger maar ook die van de alimentatiebetaler relevant is. Daarbij wordt gekeken naar de draagkracht van laatstgenoemde: wat kan hij maandelijks missen?

In sommige gevallen is deze draagkracht zo miniem, dat de rechter bepaalt dat te betalen partneralimentatie op nul wordt gesteld, zelfs als er wel behoefte bestaat. Een dergelijke situatie kan overigens ook pas na enkele jaren intreden: denk aan een plotseling verlies van inkomen, waardoor de alimentatiebetaler niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen.

Die verplichting vervalt overigens sowieso na 12 jaar, indien het huwelijk langer dan 5 jaar duurde of daaruit kinderen zijn geboren. Is er sprake van een kinderloos huwelijk van minder dan 5 jaar, dan is de alimentatieperiode gelijk aan die van het huwelijk.

Ten slotte kan het zijn dat de alimentatieverplichting voortijdig komt te vervallen, indien niet langer een behoefte bij de alimentatie-ontvanger bestaat. Dat is onder meer het geval indien de ontvanger duurzaam gaat samenwonen of trouwen met een nieuwe partner.

Over de auteur
Deze blog is een bijdrage van mr. Aniek Hollman. Zij is sinds 2011 advocaat en verbonden aan Het Wetshuys met vestigingen in Venlo en Venray en heeft een grote passie voor het familierecht.

Briefpapier drukken

Reageer

Wees de eerste met een reactie

Ontvang alerts
avatar
wpDiscuz
SLUIT
CLOSE