04/06/2020 15:48

Geen concurrentiebeding, toch schadeplichtig

Rechtbank Gelderland heeft op 19 november 2014 bepaald dat een ex-werknemer die niet aan een relatiebeding of concurrentiebeding is gebonden, toch schadevergoeding aan zijn ex-werkgever moet betalen wegens concurrentie. Advocaat Paul Snijders van Witlox Snijders Tuzkapan Advocaten in Amsterdam geeft uitleg over deze zaak.

Verzekeringen
De ex-werkgever was een verzekeringsbedrijf dat zich richt op verzekeringen voor de zendingswerker. Met een vaststellingsovereenkomst was afscheid genomen van een medewerker. Deze was werkzaam als eindverantwoordelijke buitendienst. Nadien is de medewerker een eigen onderneming gestart in de vorm van een eenmanszaak. Ook hij biedt daarin verzekeringen aan voor in het buitenland verblijvende zendelingen.

Concurrentie toegestaan
De rechtbank nam als uitgangspunt aan dat de ex-werknemer niet gebonden is aan een relatie- of concurrentiebeding, zodat hij na zijn dienstverband vrij is om concurrentie met zijn ex-werkgever aan te gaan.

Onrechtmatige concurrentie
Van onrechtmatige concurrentie is volgens de rechtbank pas sprake wanneer gebruik wordt gemaakt van de bij de voormalige werkgever opgedane kennis en gegevens omtrent klanten, waardoor stelselmatig en substantieel bedrijfsdebiet wordt afgebroken (HR 9 december 1955, NJ 1956/157 Boogaard/Vesta).

De rechtbank overwoog dat in dit geval sprake was van onrechtmatige concurrentie. De ex-werkgever is een specialistisch bedrijf dat in Nederland niet of nauwelijks concurrentie kent en dat zich richt op een zeer specifieke doelgroep, de in het buitenland verblijvende zendingswerker. Voordat de ex-werknemer zijn eigen bedrijf oprichtte, waren er maar weinig echt serieuze concurrenten.

Ook overwoog de rechtbank dat de ex-medewerker kennis over zijn doelgroep enkel heeft opgedaan tijdens zijn dienstverband. Daarbij vormde hij het gezicht van het bedrijf. Verder had hij er bewust voor gekozen om zich op dezelfde doelgroep te richten. Daarbij had hij ook klanten van de ex-werkgever gericht aangeschreven. De netto kosten die hij berekende voor de klant waren beduidend lager. Omdat hij zich bewust gemanifesteerd heeft als directe concurrent, is er volgens de rechtbank sprake van onrechtmatige concurrentie.

Schade
Ook stelde de rechtbank vast dat er hierdoor schade was toegebracht. Grote klanten zijn overgestapt. Als gevolg van het verlies van deze klanten, is de ex-werkgever veel omzet kwijt geraakt en heeft hij zelfs mensen moeten ontslaan. Hierdoor is ‘stelselmatig en substantieel bedrijfsdebiet afgebroken’. De rechtbank vond hierin aanleiding om de schade te zelf begroten. Over dit punt wordt verder geprocedeerd.

Conclusie
Uit het arrest ‘Boogaard/Vesta-leer’ uit 1955 (HR 9 december 1955, NJ 1956,157) volgt dat werknemers die niet aan een non-concurrentiebeding zijn gebonden, toch onrechtmatig concurreren als er sprake is van bijkomende omstandigheden, te weten als de ex-werknemer:

– het duurzame bedrijfsdebiet van de voormalig werkgever dat de werknemer in het kader van zijn arbeidscontract heeft helpen opbouwen;
– stelselmatig en substantieel afbreekt;
– met hulpmiddelen bestaande in knowhow en goodwill die hij daartoe vertrouwelijk van zijn voormalige werkgever ter beschikking had gekregen.

Deze uitspraak is in lijn met deze leer. Bijkomend aspect is dat een ex-werknemer die dit besluit te gaan doen, ook nog eens de schade mag vergoeden, en die kan aanzienlijk zijn.

mr. Paul Snijders

mr. Paul Snijders

Ik richt mij hoofdzakelijk op advisering, begeleiding en het voeren van procedures in het arbeidsrecht en het contractenrecht/verbintenissenrecht.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.




SLUIT
SLUIT