16/10/2019 02:48

Hoge Raad wijzigt vaste lijn in betalingen rondom faillissement

In een recente uitspraak heeft de Hoge Raad een wijziging aangebracht in de vaste lijn met betrekking tot een betaling verricht door een bedrijf vlak voor het faillissement. De betaling in kwestie werd op de datum van het faillissement bijgeschreven op de rekening van de schuldeiser. De curator eist terugbetaling en brengt de zaak voor de rechter. Advocaat insolventierecht Heleen Ceelen bespreekt deze uitspraak.

Bijschrijving op datum faillissement
In deze zaak heeft een vennootschap een dag voor faillissement door middel van elektronisch bankieren haar bank opdracht gegeven tot overmaking van € 6.000,– naar de rekening van een schuldeiser. Het saldo van de vennootschap is als gevolg van deze opdracht nog dezelfde dag naar beneden aangepast (gedebiteerd). De betaling werd echter pas de volgende dag op de bankrekening van de schuldeiser, bijgeschreven (gecrediteerd).

Niet (meer) beschikkingsbevoegd
Uit de Faillissementswet volgt dat indien op de dag van de faillietverklaring nog niet alle handelingen hebben plaatsgevonden die voor een levering door de schuldenaar nodig zijn, de levering niet meer geldig kan plaatsvinden. Daarnaast geldt dat een schuldenaar niet meer bevoegd is (beschikkings)handelingen ten laste van zijn vermogen te verrichten vanaf het tijdstip van de aanvang van de dag van de faillietverklaring.

Overmaking niet voltooid
De curator vordert terugbetaling van de ontvanger van de gelden. De advocaat van de curator stelt dat de overmaking nog niet was voltooid voor het intreden van het faillissement, zodat het overgemaakte bedrag op het moment dat het faillissement werking kreeg, het vermogen van de vennootschap nog niet had verlaten.

Klachten in cassatie
De kantonrechter wijst de vordering van de curator toe. En het het hof bekrachtigt dit vonnis in hoger beroep.In cassatie wordt onder meer gesteld dat het hof miskent dat een betaaldienstgebruiker een betaalopdracht niet meer kan herroepen vanaf het tijdstip van ontvangst van de betaalopdracht door de bank, en dat de huidige betalingssystemen van begin tot eind volledig geïntegreerde automatische verwerking kennen wat betekent dat als de bank het saldo van de rekeninghouder eenmaal heeft gedebiteerd, verdere verwerking volautomatisch geschiedt.

Intrekking niet van belang
De Hoge Raad overweegt dat het er uitsluitend om gaat of de bank van de schuldenaar voor aanvang van de dag van faillietverklaring alle handelingen heeft verricht voor effectuering van de betaling. Niet van belang is volgens de Hoge Raad of de betaalopdracht nog kon worden ingetrokken of de uitvoering nog kon worden voorkomen. Het beroep in cassatie wordt verworpen.

Hoge Raad komt terug op gangbare zienswijze
De Hoge Raad ziet naar aanleiding van deze zaak wel reden om voor een deel terug te komen op de gangbare zienswijze. Het strookt volgens de Hoge Raad meer met het beginsel van art. 23 Faillissementswet om aan te nemen dat de curator steeds het betaalde kan terugvorderen waarmee na het intreden van de faillissementstoestand de rekening van de schuldeiser is gecrediteerd. Deze nieuwe zienswijze geldt enkel voor faillissementen die na de datum van het onderhavige arrest worden uitgesproken.

mr. Heleen Ceelen

mr. Heleen Ceelen

Heleen heeft een brede interesse en is werkzaam op het gebied van het ondernemingsrecht, insolventierecht, arbeidsrecht, verbintenissenrecht en incasso.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.




SLUIT
SLUIT