23/07/2019 20:02

Beveiligingscamera’s ophangen in strijd met de AVG?

Zodra u (werkende) beveiligingscamera’s ophangt, heeft u in veel gevallen te maken met de Algemene Verordening Gegevensbescherming, de AVG. Wees u er dus van bewust dat u voor het gebruik van beveiligingscamera’s een gerechtvaardigd doel en een grondslag nodig heeft. Of u aan deze vereisten voldoet, hangt in grote mate af van de ‘setting’ van het cameratoezicht: filmt u een kantooromgeving, uw eigen achtertuin of juist de straat voor uw huis?

Mag ik beveiligingscamera’s (gedeeltelijk) richten op de openbare weg?
De Autoriteit Persoonsgegevens (de ‘AP’) oordeelde in een recente zaak in het voordeel van het bedrijf dat de camera’s had opgehangen, ondanks dat stelselmatig voorbijgangers werden gefilmd. De AP kwam tot deze conclusie, omdat er zowel een gerechtvaardigd doel (het beveiligen van eigendommen en het kunnen doen van aangifte) als een wettelijke grondslag (een ‘gerechtvaardigd belang’ van het bedrijf) aanwezig was. Laat ik dit laatste uitleggen.
De voorwaarden voor een gerechtvaardigd belang

Om te kunnen spreken van een gerechtvaardigd belang moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • Een rechtmatig, duidelijk en werkelijk belang. Het eigendomsrecht van het bedrijf maakte het belang rechtvaardig, het was duidelijk dat het ging om de bescherming van zijn eigendom en gezien een eerder beveiligingsincident bij het bedrijf bestond het belang ook daadwerkelijk.
  • Noodzakelijkheid van de gegevensverwerking. De beveiligingscamera’s op het bedrijventerrein stonden zo ingesteld, dat gezichten van mensen op de openbare weg niet (volledig) zichtbaar waren en kentekens van auto’s niet konden worden gelezen. De AP was om die reden van oordeel dat de mate van privacy-inbreuk niet onevenredig was in verhouding tot het (veiligheids)doel. Daarnaast was dit doel niet op een (voor de buurtbewoners) minder nadelige manier te bereiken.
  • Een zwaarder wegend belang. Het beveiligingsbelang had voorrang op het privacybelang van voorbijgangers. De mate van privacy-inbreuk was volgens de AP namelijk beperkt tot datgene wat nodig was om effectief (camera)toezicht te houden.

Wat zijn aandachtspunten bij het gebruik van beveiligingscamera’s?
Of het gebruik van beveiligingscamera’s kwalificeert als rechtmatig, is sterk afhankelijk van de situatie. Zelfs als u toestemming heeft van uw werknemers, is dat juridisch gezien geen wettelijke grondslag om camera’s op de werkvloer te gebruiken. Daarnaast is cameratoezicht op een school bijvoorbeeld onderworpen aan extra vereisten omdat het gaat om (in het bijzonder) persoonsgegevens van kinderen.
Ook andere factoren kunnen een rol spelen. Te denken valt aan:

  • het aantal camera’s dat wordt gebruikt;
  • de wijze waarop de camera’s zijn afgesteld; of
  • wanneer de camera’s worden gebruikt.

Zoals uit voornoemde kwestie blijkt, kijkt de AP bij de belangafweging bovendien naar de getroffen waarborgen om negatieve gevolgen (voor privacy) te voorkomen, maar ook naar:

  • de bewaartermijn van beveiligingsbeelden;
  • de beveiliging van het opslagmedium (de videorecorder); en
  • de mate waarin men wordt geïnformeerd over het cameratoezicht.

Waar moet ik rekening mee houden als ik beveiligingscamera’s wil ophangen?
U doet er verstandig aan om de voornoemde punten voor uzelf overzichtelijk in kaart te brengen en zich af te vragen:

  • met welk doel hang ik beveiligingscamera’s op?
  • heb ik een (wettelijke) grondslag hiervoor?
  • met welke (privacy)belangen van betrokkenen heb ik te maken?
  • heb ik de betrokkenen geïnformeerd over het cameratoezicht?
  • welke maatregelen heb ik getroffen om privacy-inbreuk te beperken?

Welke risico’s loop ik als ik beveiligingscamera’s ophang?
Wees u ervan bewust dat de AP (aanzienlijke) administratieve geldboetes op kan leggen bij overtredingen van de AVG. Sterker nog, als u in het geheim (beveiligings)camera’s aanbrengt, kunt u onder bepaalde omstandigheden zelfs strafrechtelijk worden vervolgd. Het is dan ook van groot belang om (tijdig) na te gaan of u uw beveiligingscamera’s wel rechtmatig heeft geplaatst.

Over de auteurs
Dit is een bijdrage van mr. Nadine van der Slot en mr. Jasper Schnezler, advocaten bij RWV Advocaten in Leiden.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.




SLUIT
CLOSE