24/04/2019 00:18

Wanneer kan je een retentierecht uitoefenen?

Het retentierecht is een bijzonder opschortingsrecht van een schuldenaar. Als een schuldenaar (uit hoofde van een verbintenis) zaken onder zich heeft van de wederpartij, dan mag hij weigeren deze zaken af te geven zolang de wederpartij nog niet aan zijn verplichting tot betaling heeft voldaan. In de praktijk komt het er meestal op neer dat een verkoper gekochte goederen weigert te leveren zolang de koopprijs niet volledig is betaald. Maar dit recht is niet onbeperkt. Advocaat verbintenissenrecht Hidde Reitsma bespreekt een recente uitspraak waarin de rechter het beroep op het retentierecht opzij schoof.

Aanbetaling koopprijs
In deze zaak had fietsenhandelaar Mihatra grote partijen elektrische fietsen besteld bij Cottonwave. Deze fietsen werden vanuit China naar Nederland verscheept. Overeengekomen was dat een deel van de koopprijs zou worden aanbetaald en het restant na inscheping.

In gebreke met betaling
Mihatra had ten aanzien van de eerste bestelling de kooprijs volledig voldaan (en zelfs iets teveel), maar was in gebreke met de betaling van de overige koopprijzen. Cottonwave besloot hierop 1500 fietsen van de 2000 bestelde fietsen onder zich te houden met een beroep op haar retentierecht.

Kort geding afgifte fietsen
In kort geding vorderde Mihatra onmiddellijke afgifte van de fietsen. Zij stelde dat Cottonwave ten onrechte (ook) fietsen onder zich hield van de eerste bestelling (welke volledig was voldaan) en dat van de overige bestellingen grote gedeelten van de koopprijs al was voldaan. Bovendien is zij nooit op de hoogte gesteld van de datum van inscheping zodat zij niet gehouden was het resterende percentage te voldoen.

Voorwaarden uitoefening retentierecht
De voorzieningenrechter stelt voorop dat een schuldenaar die een vordering heeft op zijn schuldeiser, krachtens artikel 6:52 BW bevoegd is de nakoming van zijn verbintenis op te schorten tot voldoening van zijn vordering plaatsvindt. Voorwaarden voor het inroepen van dit retentierecht zijn dat de vordering opeisbaar is en dat er voldoende samenhang tussen de vordering en verbintenis bestaat om de opschorting te rechtvaardigen.

Bevoegdheid tot uitoefening retentierecht
ln deze zaak oordeelt de rechter dat Mihatra niet aan al haar betalingsverplichtingen heeft voldaan terwijl zij dit volgens de overeenkomst wel had moeten doen. De vordering van Cottonwave is opeisbaar. In beginsel is Cottonwave dus bevoegd om de levering van de bestelde fietsen op te schorten. De vordering tot betaling van Cottonwave en de verbintenis tot afgifte van de Mihatra-fietsen vloeien voort uit dezelfde rechtsverhouding en hangen dus voldoende met elkaar samen.

Afgifte onder zekerheidstelling betaling
Maar de wijze waarop Cottonwave haar bevoegdheid uitoefent, namelijk door in het geheel niet over te gaan tot aflevering van fietsen aan Mihatra, acht de rechter naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. De rechter vindt het niet proportioneel om alle fietsen onder zich te houden terwijl niet exact vaststaat hoeveel Mihatra nog verschuldigd is. Daarom wijst de rechter de vordering van Mihatra tot aflevering van de fietsen toe, onder de voorwaarde dat Mihatra zekerheid stelt voor een bedrag van € 200.000.

mr. Hidde Reitsma

mr. Hidde Reitsma

Advocaat bij AMS Advocaten
Hidde Reitsma studeerde Nederlands recht aan de Universiteit van Amsterdam en is sinds 2002 advocaat. Het zwaartepunt van zijn praktijk ligt op het ondernemingsrecht en het insolventierecht en Hidde procedeert regelmatig bij de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.




SLUIT
CLOSE